In 2004 bestond het woord volgdens de woordenboeken niet. Anno 2008 is de blog niet meer uit het leven van iemand die geïnformeerd wil zijn weg te denken. Elk gerespecteerd blad heeft zijn eigen verzameling huisbloggers, die gezamenlijk en tegen elkaar meedoen aan de blograce om informatie, aandacht en het uitdragen van het eigen standpunt. In een artikel over de blogcultuur van de schrijvers Drezner en Farrell stellen de auteurs vast dat er in mei 2007 rond de zeventig miljoen blogs in omloop waren ( het artikel is te vinden onder www.danieldrezner.com ). Ik vermoed dat het aantal blogs sindsdien exponentieel is toegenomen. De bekende Amerikaanse columnist David Brooks toverde deze week een nieuw woord te voorschijn om de blogger te typeren. De blogger is geen intellectuele ‘nerd’, maar een ‘geek’: “A geek possesse[s] a certain passion for specialized knowledge, but also a high degree of cultural awareness and poise that a nerd lack[s] … [G]eeks .. display their supple sensibilities and well-modulated emotions on their Facebook pages, blogs, text messages and Twitter feeds. Now there are armies of designers, researchers, media mavens and other cultural producers with a talent for whimsical self-mockery, arcane social references and late-night analysis.” Veel van het citaat snap ik niet, maar ik begrijp in ieder geval dat er volgens Brooks een nieuwe trend gaande is en dat Brooks er half deel van uit wil maken.
Sinds ik blog – en dat is maar heel kort– heb ik behoorlijk moeten wennen aan de reacties. Ik merkte pas door het schrijven van blogs uit wat voor een beschermd milieu ik kom en hoe anders het leven op internet is. De reacties die je krijgt zijn vaak snoeihard. Vaak is het eerst de man en dan de bal. Maar de reacties zijn ook verhelderend. Ik heb in de korte periode dat ik blog meer feedback gekregen dan ik ooit voor enig artikel kreeg. Als je slecht geïnformeerd bent, wordt dat afgestraft. En als je onhelder schrijft kan je er vergif op innemen dat mensen de vreemdste dingen uit je teksten halen. Vergis je niet: blogs moeten aan behoorlijk strenge stijl- en informatie-eisen voldoen.
Ik dacht altijd dat de hardheid en hufterigheid van de reacties een typisch Nederlands fenomeen was, maar vergeet het maar. Als je echt botte of vileine reacties wilt lezen, struin dan de internetsites in de VS maar eens af. Op de Nederlandse sites wordt er in vergelijking met de sites uit de VS meer vuil gelachen en geknipoogd. Elke Nederlandse site heeft zijn eigen incrowd die elkaar kent–niet persoonlijk, maar via de reacties op het net. Er is ook wel site-bewaking. De ergste reacties worden er afgehaald. Elke site heeft expliciete of impliciete huisregels.
De informatie van bloggers wordt door sommigen meer vertrouwd dan informatie uit de officiële politieke kanalen. In Italië is de blog de belangrijkste vorm van politieke informatiegaring geworden. In Frankrijk speelden blogs in 2005 een belangrijke rol in de mobilisering van de Neezeggers in het referendum over Europa. In de VS zijn blogs inmiddels niet meer uit de campagnes van de presidentskandidaten weg te denken. Het succes van Barack Obama is mede te danken aan zijn handig gebruik van het internet. De bloggers zijn vrije jongens. Ze maken officieel geen deel uit van Baracks campagne, maar ze vormen wel een van de belangrijkste peilers onder zijn succes.
Blogs zijn vanwege hun sneeuwbaleffect een politieke factor van betekenis aan het worden. Bovendien zouden ze wel eens de zoveelste nagel in de doodskist van de politieke partij kunnen worden (maar hoe vaak is die organisatie al niet doodverklaard?).
Het blijft echter onduidelijk wat blogs precies doen en hoe ze de politieke cultuur veranderen. In ieder geval is het bij bloggen net als bij topsport: the winner takes all. Van de miljoenen blogs en sites die verschijnen worden er slechts een paar door heel veel mensen gelezen. Is het nu de individuele blogger die invloed heeft op de politiek, of is het de aard van de blogosfeer zelf die het politieke klimaat verandert? Misschien dat je zou kunnen zeggen dat het bloggen het traditionele gezag en de voorheen verheven toon van de publieke intellectueel aantast: al is de bewering nog zo snel, het woud van commentaar achterhaalt hem wel.
Maar er is ook iets anders aan de hand, dat denk ik terug te vinden is in het citaat hierboven van Brooks. Bloggers maken veel minder een geheim van hun privé-leven. Prive en publiek lopen in de blogosfeer door elkaar, of liever, de lijnen tussen beide worden anders getrokken. Kennis en intimiteit (gevoel) worden minder van elkaar gescheiden. Misschien is het daarom dat de man en de bal (sorry voor dit seksisme) in blogs minder sterk van elkaar gescheiden worden. Dat leidt soms tot hufterigheid, maar ook tot grote vriendelijkheid en meelevendheid. Het is blijkbaar voor iedereen vanzelfsprekend dat kennis een persoonlijk stempel draagt en niet van gevoel, de intiemsfeer, te scheiden valt. You can’t separate the dancer from the dance. Het slow sex manifest is in dat opzicht exemplarisch voor de wijze waarop het persoonlijke politiek is geworden -en dat vraagt, excuses voor het woord, om een ander soort politiek ‘vertoog’.
‘Opkomst van internet versterkt de culturele revolte tegen het dictaat van de goede smaak’ kopte de NRC in het Opinie en Dabat katern van 26 & 27 april. Het artikel was van Abram de Swaan . Kort gezegd komt de inhoud van zijn stuk er op neer dat tekst, beeld en geluid door internet onbeperkt beschikbaar zijn geworden, waardoor het lijkt alsof er geen duidelijke oriëntatiepunten meer bestaan. Blogs spelen in dat verhaal een belangrijke rol, maar de Swaan repte er met geen woord over. Het is zeker waar dat het schrijven van blogs onder andere van verzet tegen het dictaat van de (voorheen) goede smaak getuigt, maar nogmaals: denk niet dat er in de blogosfeer geen eigen en wellicht nieuw smaakregime heerst.
Het is kortom nog niet geheel duidelijk wat voor ‘revolte’ er in de blogosfeer gaande is en tegen wie die zich keert. Het is ook niet duidelijk of het alleen maar goed is dat die opstand zich voordoet. Maar dat er iets aan het veranderen is staat buiten kijf. Blogs worden even snel vergeten als ze geschreven worden, maar wat van de blogosfeer als geheel overblijft is meer dan de vluchtigheid van deze of gene blog.
Elke blogger is zijn of haar eigen baas. De blogger heeft niet met een redactie te maken. Wat er voorheen aan redactioneel werk was geschiedt nu open en bloot via het net. In die zin is de blog individualiserend en socialiserend tegelijk: jij schrijft de tekst en vervolgens wordt hij door anderen ofwel vernietigd ofwel gaandeweg verbeterd. Op die manier ontstaat er iets van een collectief product.
Als het goed gaat kan je met het schrijven van blogs enorm je voordeel opdoen. Je kan gratis gebruik maken van de kennis van anderen, je leeert de zwakke punten in je tekst kennen en je krijgt snel feedback. Natuurlijk zit er nogal wat ruis en vuilpsuiterij tussen, maar dat leer je op den duur negeren. Ik had het hierboven over het uitdragen van je eigen standpunt. Misschien is het mooiste van de blog dat deze je helpt bij het uitvinden, ipv uitdragen, van je standpunt.
“De blogger heeft niet met een redactie te maken”
Op groepsblogs als Geen Commentaar en Sargasso wel hoor. Stukken staan daar eerst ‘beschermd’ en worden door mede-bloggers geredigeerd voor ze ‘publiek’ gaan.
Mooie beschouwing Pieter. Twee opmerkingen. Ten eerste, je zegt: ‘Blogs worden even snel vergeten als ze geschreven worden’. Dat is niet mijn ervaring. Als je een stuk in de krant schrijft dan bereik je onmiddellijk een grote groep mensen, maar die zijn het binnen een week weer vergeten. Mensen die je stuk op het moment van publicatie gemist hebben, zullen het wellicht nooit lezen. Blogs blijven echter tot in lengte van dagen op het internet staan. Hoe vaak ik niet benaderd word over een blogje dat ik maanden, soms jaren geleden geschreven heb! Juist blogs hebben een veel langere adem dan de traditionele media, die veel vluchtiger zijn.
Ten tweede: ik begrijp dat je hebt moeten wennen aan de reacties. Wat ik zelf erg frustrerend vind zijn zogenaamde trolls (commentatoren die alleen maar berichten posten om te zieken) en ook commentatoren die ernstige persoonlijke stokpaardjes hebben en slecht lezen. In een blog investeer ik vaak aardig wat tijd en energie. Als dan de eerste reactie die je krijgt een soort van zure sneer is, van iemand die je tekst nauwelijks gelezen heeft en die alleen maar behoefte heeft om een persoonlijke oprisping te posten, dan kan dat goed frustrerend zijn. Middelmatige en flauwe mensen kunnen zo een flinke invloed uitoefenen. Dat soort reacties verwijderen is niet te doen want dan begint dat soort volk onmiddellijk te brullen dat het hier gaat om een aantasting van de vrijheid van meningsuiting. In veel gevallen is die vrijheid van meningsuiting echter meer een vrijheid van oprisping geworden.
Het valt me op dat de reacties op Waterlog de laatste tijd kritisch, maar ook heel inhoudelijk en beargumenteerd zijn. Dat vind ik een positieve ontwikkeling. Internet nodigt uit tot snelheid, tot een fast opinion. Maar wat is er mis met de vriendelijke vraag aan je commentatoren om enige aandacht te besteden aan hun reacties? Een ’slow opinion’ via een snel medium. Als een soort van digitale etiquette.
Mooi, zal ik onthouden, de vrijheid van oprisping. En je typering van trolls herken ik. Verder geloof ik inderdaad dat er in de blogosfeer zoiets als een digitale etiquette in ontwikkeling is, al moet je dat niet hardop zeggen, want dan zal de blogger onmiddellijk het tegendeel willen bewijzen. Het moet natuurlijk wel ‘vrij’ en ’spontaan’ blijven allemaal.
@Dylan: Toch is de discussie op waterlog minder levendig geworden, sinds je een wordpress-account moet aanmaken om erop te reageren. Maar het helpt wel tegen trolls. Is daar een discussie over geweest, of is het beleid van WordPress?
@Floris: volgens mij moet je alleen je naam en emailadres opgeven, je hebt geen wordpress-account nodig. We hebben een tijdje wel heel veel trolls gehad en toen alles dichtgezet. Nu niet meer.
En die levendigheid? Ik heb liever slow commentaar dan al die uitbarstingen. Maar misschien heeft het vooral te maken met het feit dat we al een tijdje niet meer over seks schrijven
Okee, nog wat slow commentaar:
Ik ben het net als Pieter oneens met Abram de Swaan dat internet de culturele hiërachie ausklammert. Ook in de blogosfeer zie je een uitkristallisering in hoge cultuur (Waterlog), lage cultuur (Geenstijl), en inderdaad wel meer hybride vormen (zoals bijv. Frontaalnaakt, een rechtse maar niet volslagen loze discussiesite die wordt opgefleurd met gestyleerde erotische plaatjes).
Het verschil zit ‘m vooral in de toegankelijkheid. Het is makkelijker om een commentaar op het NRC-forum te posten dan een stuk in NRC geplaatst te krijgen. Nou ligt dat forum te veel muisklikken van de homepage af om voor trolls interessant te zijn, maar er zijn andere serieuze en semi-serieuze sites die gekaapt worden door verongelijkte types die niks beters te doen hebben dan zich de ganse dag op internet op te fokken. (Kijk bijvoorbeeld maar eens naar het artistiek-anarchistische http://www.damoclash.nl, waar een bijstandtrekkende ‘feministisch-marxiste’ iedereen voor rotte vis uitmaakt.)
Uiteindelijk geldt hier hetzelfde als bij asocialen in de echte wereld: je kunt ze niet afschaffen. Beschaafd blijven, en aangeven onder welke voorwaarden je op iemand reageert en bij welk gedrag je hem blokkeert, is nog het beste. Wat dat betreft is er niet zozeer sprake van ‘nieuwe omgangsvormen’ voor de blogosfeer, als van vasthouden aan een oude ethiek in een nieuwe omgeving.
” Any point of a rhizome can be connected to any other, and must be. This is very different from the tree or root, which plots a point, fixes an order. (…) There is no ideal speaker-listener, any more than there is a homogeneous linguistic community. (…) There is no mother tongue, only a power takeover by a dominant language within a political multiplicity. Language stabilizes around a parish, a bishopric, a capital. It forms a bulb. It evolves by subterranean stems and flows, along river valleys or train tracks; it spreads like a patch of oil. ”
uit: Deleuze, G. & F. Guatarri (1980). * Mille Plateaux. * Paris, Les Editions de Minuit. (vertaling : Brian Masumi)
@ Floris op zaterdag 31 mei 2008 bij 11:13
Kenmerk van een hoge cultuur is dat de dragers ervan het aan anderen overlaten om hun artefacten als zodanig te bestempelen. Als je je weerzin zou kunnen overwinen en de moeite nam om tussen de stront van GeenStijl te wroeten, dan vind je daar heel wat meer eigentijdse waarden en hoogstaand cultuurcommentaar dan hier in deze zelfgenoegzame zelf-opvrijende community van hooguit twintig bangelijke jongens en meisjes.
My 2p
@Bernhard Bang:
Die typering ‘hoge cultuur’ lijkt me eerder een kwestie van toepassen van een sociologische blik op je eigen positie dan van ‘zelf-opvrijen’.
In het Engels vertaalde citaten van Deleuze gelden niet als argumenten.
En wat je schot-uit-de-heup-commentaar betreft: I rest my case.
Erg handige plugin om trolls te isoleren van de rest…
http://www.denieuwereporter.nl/?p=1104
Waag het niet om dat op mij toe te passen natuurlijk
Karin: bedankt voor de site (nieuwe reporter: erg leuk en informatief om te lezen, ik weet nu een beetje wat twitteren is), Bernard: blijf vooral naar mooie bloemen op de mestvaalt zoeken en Floris: hou vol!
Op de voetbalsites zitten denk ik wel de allermeeste trolls die er zijn, maar dat ding is ook een vorm van ontspanning. Sommige mensen kunnen alleen gelukkig zijn als ze bij een groep horen. Ik lees waterlog niet omdat ik bij waterlog wil horen of voor het algemeen belang wil vechten maar omdat de mensen die dit schrijven me interesseren en omdat hier serieuze mensen zijn die iets te vertellen hebben toch denk ik dat sommige “baggersites” ook een functie hebben, ik hou me zelf ook niet altijd aan gedragscodes omdat ik soms emoties stop in wat ik in reacties zet. Ik denk echt dat internet mensen wel veel gelukkiger maakt, bloggers hebben een sociale functie. (Ik vind waterland trouwens helemaal geen hoge cultuur, bij hoge cultuur stel ik me wel wat anders voor hoor, ik vind waterlog wel echt een nederlandse website)
@ 8 BB “stront van GeenStijl” staat buiten kijf. Ook veel bagger- en onderbuik reacties.
Heb ook een bloedhekel aan kuddegedrag. Wat lopen er veel mensen achter een ander aan, omdat het zo makkelijk en veilig is. Triest.
Jij kijkt hier waarschijnlijk al langer op, maar dit zou ook heel goed kunnen: hier in deze zelfgenoegzame zelf-opvrijende community van hooguit twintig bangelijke jongens en meisjes. Maar daar kan ik nog geen oordeel over vormen.
@ 10 Karin: interessante link over pestkoppen en querulanten.
@12 Rafie: Dit zal wel: Ik denk echt dat internet mensen wel veel gelukkiger maakt, bloggers hebben een sociale functie. Doe het ook graag maar het maakt mij niet gelukkiger. Doe mij maar een face to face gesprek met iemand lekker buiten in de zon.