Patiëntenorganisaties in de gezondheidszorg en grenzen aan de democratie
vrijdag 16 mei 2008 door Pieter Pekelharing
Er was een tijd waarin ziek zijn betekende dat je thuis zat en voor korte of langere tijd was uitgeschakeld. Dat is nu voorbij. Van zieken wordt verwacht dat ze zoveel mogelijk blijven werken en hun normale taken blijven doen. Teveel rust heet ‘therapeutisch onverantwoord’. Tegenwoordig dien je als het even kan actief te participeren in je eigen behandeling. Je moet mee overleggen met de arts, jezelf leren prikken, actief oefeningen doen en liefst ook leren meepraten over zorgvoorzieningen en het basisverzekeringspakket. Als het lukt, doe je er bovendien goed aan symposia te bezoeken en actief bij te dragen aan de vraagsturing van de zorg. Zieken zijn verantwoordelijk voor het formuleren van het patiëntenperspectief. Ze zijn geen passieve ontvangers meer van zorg, maar deskundigen op het terrein van hun ziekte. De bijzondere ervaringen die ze opdoen geven hen het recht en eigenlijk ook de plicht mee te praten met artsen en zorgverleners over goede protocollen, behandelwijzen en geneesmiddelen. Zieken beschikken over belangrijke informatie voor de gezondheidszorg en spelen in die hoedanigheid een rol bij de bepaling van de kwaliteit van de zorg. Georganiseerd en wel verdienen ze een plaats aan de onderhandelingstafel.
Inspraak, participatie en vraagsturing – allemaal ‘hoerawoorden’ van de moderne gezondheidszorg. Je kunt er moeilijk tegen zijn en meer is altijd beter. Margot Trappenburg, hoofddocent van Bestuurs- en Organisatiewetenschappen heeft er een mooi boek over geschreven met de veelzeggende titel ‘Genoeg is genoeg’. Ze laat zien hoe patiëntenorganisaties een belangrijke en machtige spil in de zorg zijn geworden, die vaak een grote invloed op het stelsel hebben. Maar er is ook een grens. En vooral: er kleven perverse effecten aan de macht die patiëntenorganisaties hebben verworven. Al dat meedenken kost tijd en inspanning. Uitzieken is er niet meer bij. Wie zich niet voldoende te organiseren weet, wie geen aandacht trekkende of interessante ziekte heeft, wie vanwege chronische vermoeidheid of dementie gewoon niet in staat is zich te organiseren, dreigt in de kakofonie van stemmen niet gehoord te worden. Er is in de zorg een wapenwedloop om aandacht ontstaan. Niemand kan in organisatiegraad, de verzorging van de website en het volgen van symposia en congressen bij de ander achterblijven, met het gevolg dat al die organisaties chronisch personeelstekort en tijdtekort hebben en iedereen amechtig achter elkaar aanloopt.
Het is een bekend probleem. De Amerikaanse econoom Robert W. Frank typeerde dit soort wedlopen, die zich overal voordoen, als volgt: ‘they are smart for one, but dumb for all’. Concurrentie tussen individuen is goed, maar dreigt uit de hand te lopen als er geen collectief toezicht is, die om de zoveel tijd ‘genoeg is genoeg’ roept. Niemand kan het zich individueel permitteren niet aan de wedloop mee te doen. De meeste deelnemers zien wat de perverse effecten ervan zijn, maar iedereen weet ook, dat je je positie verslechtert als je gaat klagen of uit de race stapt. Dus doet iedereen mee en probeert men in het openbaar nog goedgemutst te blijven ook. Totdat er in de concurrentiestrijd een kleine elite overblijft die de grootste prijzen naar zich toe trekt. Het probleem is elke keer weer hetzelfde: hoe breng je in dit soort wedlopen vormen van collectieve controle tot stand die voldoende gezag en sanctiemacht bezitten om de concurrentiestrijd aan banden te leggen en de prijzen gelijker te verdelen?
Margo Trappenburg laat haarfijn zien hoe moeilijk het voor de patiëntenorganisaties is uit de race te stappen. Ten eerste omdat je dan in de zorg als patiënt met de betreffende ziekte aan het kortste eind trekt –kijk maar naar de kwaliteit van de zorg voor demente bejaarden, die simpelweg niet in staat zijn over hun zorgprotocollen en behandelwijzen mee te praten. Ten tweede omdat zaken als participatie en democratie zo positief gewaardeerd worden. Het idee dat zelfs inspraak perverse effecten kan hebben, als er geen collectieve instantie is die aan de inspraakrace een halt toe roept, is pas betrekkelijk recent ontstaan. Of liever, het idee bestond al, maar het wordt nu vaker onder de aandacht gebracht. Oscar Wilde zei het bijna honderd jaar geleden al: het socialisme is een geweldig systeem, ware het niet dat het te veel avonden kost. Als het proces van democratische besluitvorming niet goed geregeld wordt, kan democratie tot chronisch tijdgebrek en overbelasting lijden.
Democratie heeft sterke en gezaghebbende instituties nodig die op democratische wijze kunnen vaststellen waar genoeg inderdaad genoeg is. Trappenburg heeft een boek geschreven dat niet alleen over de gezondheidszorg gaat, maar een probleem aanstipt dat veel algemener is. Wat ze in de gezondheidszorg heeft ontdekt is de microversie van het macroprobleem dat markten, competities en wedlopen voortdurend tegen hun eigen excessen beschermd moeten worden.
Als we iets over willen houden dat we met enig fatsoen gezondheidszorg kunnen noemen zullen we de marktpartijen buiten spel moeten zetten. De marktpartijen zijn de verzekeraars, de farmacie en de zorginstellingen. De kwaliteitsborging dient in eerste plaats te gebeuren op veiligheid. Veiligheid is geen absolute waarde maar een basisvoorwaarde.
De kwaliteit dient bepaalt te worden door professionals in dialoog met patiënten/patiëntenorganisaties. Waar nu voornamelijk de problemen huizen is het verschil in middelen en mondigheid van de patiënten/organisaties. Met middelen doel ik in de eerste plaats op het middel der middelen, geld. De farmacie zal die patiëntenorganisaties financieel ondersteunen aan wie ze hun producten kunnen slijten. De organisaties die aandoeningen vertegenwoordigen waarvoor er medicatie op de markt is, zitten er financieel warmer bij dan voor die aandoeningen waarvoor er niets op de markt is. Dit betekent dat die organisaties slagvaardiger zijn. Voor de farmacie zijn dit direct ook, de best mogelijke vertegenwoordigers, advocaten en verkopers van hun middel.
Dit terwijl uit een onderzoek van JAMA uit 2006 is gebleken dat 70% van de wetenschappelijke bewijsvoering onder de werking van de medicatie gefalsificeerd is. Bijwerkingen worden verdonkeremaand en de effectiviteit wordt overdreven.
Een voorbeeld waar zowel veiligheid, een patiëntenorganisatie, wetenschappelijk onderzoek en de farmacie direct met elkaar in verband staan, is het volgende. http://www.balansdigitaal.nl/sitemanager.asp?pid=467
Dit is een ouderorganisatie die het beste willen voor hun kinderen. Ze zoeken een oplossing voor hun problemen en de farmacie belooft hun dit. Dit terwijl die middelen die die ouders aan hun kinderen geven, in de volste overtuiging, de hersenen van hun kinderen ernstige schade toebrengt. Er komt steeds meer bewijs dat de aandoening zoals die zich voordoet een voedsel allergie is. Mij persoonlijk was dit al 23 jaar geleden bekent. In die zin hebben de ouders dus dubbel schuld. In de eerste plaats geven ze hun kinderen het eten waarop de allergische reactie plaats vindt, die de symptomen van de aandoening veroorzaakten. De ouders grijpen dan naar een middel die die symptomen dienden te bestrijden. Maar met desastreus gevolg voor de hersenen van hun kinderen.
Dit is nogal wat voor die ouders om te accepteren, wat hun rol in dit geheel is. Zolang dit niet gebeurt en de ouders blijven geloven in de werking van de medicatie, zal dit niet veranderen. Maar uiteindelijk zit de maatschappij opgescheept met een groep jongvolwassenen die hyperactief, psychotisch en manisch depressief zijn. Reken uit je winst. Dit is een geval waarbij het streven naar kwaliteit (in wat voor zin dan ook) dwars door de bodem van veiligheid heen schiet. Mogelijk gemaakt door de machteloosheid van de ouders en behandelaars, en de wens tot winstmaximalisatie van de farmacie.
In de realiteit, echte wereld, worden patiënten gemarginaliseerd. In financiële mogelijkheden, Rechts mogelijkheden en in de mogelijkheid om tot een kwalitatief constructieve dialoog te komen. Ze worden geacht die behandel producten te schaften die de instellingen aanbieden. Welke zijn samengesteld in overleg met de verzekeraars.
Nergens in de organisatie van de gezondheidszorg is er de mogelijkheid tot het terugvoeren van negatieve feedback. (ook wel de fouten analyserende aanpak, of simpel weg leren met vallen en opstaan. Er wordt heel wat afgevallen, dit wordt alleen niet als zodanig herkent. Zie de leercyclus van Kolb) Dit betekent dat het hele begrip kwaliteit op drijfzand is gebaseerd. En het is nu juist dat begrip, kwaliteit, waarop de basis van de marktwerking is gebaseerd. De instellingen zouden op basis daarvan met elkaar concurreren.
Ik zal het nog wat erger maken. Diagnostische gegevens worden voor declaratie doeleinden door behandelaar overgedragen aan de verzekeraars. Die weten dus wat hun klanten onder de leden hebben. Het is op die manier mogelijk om bij de premie bepaling rekening te houden met de risico’s die bepaalde aandoeningen met zich mee brengen. Zo is het mogelijk dat bijvoorbeeld patiënten met diabetes de premie van hun levensverzekering zien stijgen. Op die manier worden ze in sociaal economische zin gemarginaliseerd. Dit, de sociaal economische positie, is de belangrijkste factor die bepaald hoe succesvol iemand in zijn/haar leven is. Hoe lang men leeft, hoe gezond, hoe goed de opleiding is, hoeveel nageslacht men produceert, hoe gezond de leefomgeving is en hoeveel centjes iemand bij elkaar schraapt.
Daarnaast is er een stellige overtuiging dat heel wat aandoeningen genetisch overdraagbaar zijn. Als eenmaal de verschillend verantwoordelijk gehouden genen gedefinieerd zijn is het mogelijk hier prenataal op te testen. Via vruchtwater puncties of in een IVF traject. Op die manier wordt het mogelijk om individuen die drager zijn van genen die een bepaald risico vertegenwoordigen op een aandoening uit de populatie te bannen.
Bijvoorbeeld kinderen die een allergische reactie vertonen in de vorm van hyperactiviteit op bepaalde voedingsstoffen. Uiteindelijk draait het uit op een samenleving die steeds sterieler wordt en in toenemende mate intoleranter wordt voor afwijkingen. Dit omdat dat wat afwijkt direct evenredig verbonden is met dat wat normaal gevonden wordt. En als dat wat normaal gevonden wordt steeds smaller wordt, worden het aantal afwijkingen daarvan steeds groter. Deze zullen volgens het bovenstaande mechanisme worden verwijdert uit de populatie.
Ook onze achterkleinkinderen zullen worden aangezien als risico op basis van de diagnoses van de kwaaltjes die wij onder de leden hebben.
Woorden naar mijn hart (en verstand).
Als behandelaar zie ik met lede ogen aan hoeveel tijd, geld, energie en werkplezier er door de “flankerende systemen” van deze race naar de afgrond wordt opgeslokt. En dan al die cliche’s waarachter slechts schokkende leegheid schuil gaat….
Als de patient, -die ik natuurlijk ook wel eens ben-, heb ik ook nog nooit iets gemerkt van de voordelen die dit geheel voor mij zou moeten opleveren: Het netto rendement komt neer op dokters die niet eens meer een fatsoenlijke anamnese afnemen maar na het eerste woord / klacht tot actie overgaan (vermoedelijk heet dat dus “vraaggestuurd”
, allerlei triage-varianten die vaak gekenmerkt worden door een te laag deskundigehidsniveau en bureaucratische itwassen, enn protocollen waar een wat ingewikkelder vraagstelling niet in past.
Merkwaardigerwijs heb ik de patientenverenigingen nog nauwelijks horen protesteren tegen het feit dat de volgende slag er aan komt: aantasting van de vrije artsenkeus. Kenelijk een grenzeloos vertrouwen in de aardige (commerciele) verzekeraar die hun belangen moet bewaken.
“Het kost niets en is altijd prijs”
@Add Sence
Bij het lezen van jouw naam, vraag ik me af of je bent geboren ten zuiden van de grote rivieren ten tijde van de 11de november. En dat de dienstdoende ambtenaar van de burgerlijke stand een dubbel rol vervulde.
http://europabio.euproject.eu/index.php/kb_3121/oe_3092/oe.html
http://www.winclove.nl/
http://www.novatv.nl/index.cfm?ln=nl&fuseaction=artikelen.details&achtergrond_id=10143
http://www.volkskrant.nl/binnenland/article511229.ece/Felle_kritiek_onderzoek_probiotica
Extra aanmoedigingen tot paternalisme zal er alleen maar toeleiden dat hulpverleners zich gelegitimeerd zullen zien zich af te reageren op patiënten. Er is nu, op veel plekken, een gigantische werk druk.
zie p.6 http://www.om.nl/files/file.php5?id=537
http://www.ombudsman.nl/ombudsman/jaarverslag/2007.asp
http://www.ntvg.nl/db_artikel.asp?ID=2008106790001A&NR=3&OFF=13&fr=rs
Het volgende is integraal overgenomen van de website van de Belgische apotheker Fernand Haesbrouck. Hij getuigde onder meer in een hoorzitting van de Tweede Kamer in de zaak van de “Baby breker”. Deze was er niet. Maar toen Heasbrouck zijn vermoede kenbaar maakte, dat de botten van de baby’s broos waren geworden door het chronisch medicatie gebruik van de moeders, is hij niet meer gevraagd.
Heasbrouck: @ http://blog.seniorennet.be/rilatine/archief.php?ID=16743
Toch raar dat “licht autistische” kinderen van een gebouw naar beneden springen om dood te vallen.
Anderen hangen zichzelf ook op.
Terwijl zij die de diagnose stelden “licht autistisch’ of ook nog ‘licht cvs’ of ook nog ‘licht depressief’ oorverdovend zwijgen in de stilte van de doodsoorzaken.
Want die doodsoorzaken zijn steeds onbekend en dat soort zekerheid hebben de grote tovenaars, die kwetsbare patienten als licht ziek aan dit of licht ziek aan dat kunnen bestempelen waardoor zij die zichzelf extermineerden, het nu eenmaal niet zullen navertellen.
De maatschappij rekent op de uitleg van de grote tovenaars, en die tovenaars wassen hun handen in de grootste onschuld.
Ze werden immers aangeleerd om patienten zichzelf te laten extermineren of ze zelf te extermineren, zonder dat zij daar als exterminator, enig schuldgevoel voor hoefden te voelen… het gaat hier immers om levensonwaardige levens.
Die licht … ‘abnormaal’ geacht worden en dus … levensonwaardig.
Niet alleen kan ik hier geen diagnoses stellen en ook geen therapieën bespreken, maar alleen maar vaststellen hoe de grote tovenaars het aan boord leggen om door harddrugs te dealen bij zelfs vermeende lichte gevallen van aandoeningen met een zeer elastische rekbaarheid, de patienten zo ver kunnen krijgen dat ze hun wereld van verschil dat ze zouden moeten verwerven helemaal anders interpreteren, zodat ze zichzelf uiteindelijk van dat mooie leven onder de psychotica beroven.
Die tovenaars zijn geen moordenaars.
Officieel niet.
Want er is niemand die weet, dat zij het zenuwstelsel van die ongelukkigen hebben verwoest met de sterkste harddrugs.
Immers die sterkste harddrugs zijn de vereiste “milde” stimulantia voor de wereld van verschil, die de maatschappij van de ongelukkigen verwachtte.
Immers, iedereen werd daar alleen maar beter van.
Omdat zij die licht aan dit of licht aan dat leden, en als levensonwaardig worden bestempeld, weten zowel Overheid, als de media als geneeskunde in dat geval precies wat er dan te doen staat.
Het document uit 1920 en eenvoudig vergassen zoals in 1933 en later, is nu vervangen door psychotica die een ‘oneindige’ wereld van verschil in het genieten kan betekenen.
Het vergassen lijkt nog teveel op het uitmoorden, terwijl iemand oneindig laten genieten van een wereld van verschil eerder als menslievend wordt ervaren.
De psychiatrie bedoelt die oneindige wereld van verschil dan ook letterlijk.
Sprongen licht autistische kinderen veertig jaar geleden ook van gebouwen als ze chemisch werden behandeld om hen een veranderde perceptie op de realiteit te geven en om bij hen een controleverlies op hun gedrag te doen ontstaan?
Of wordt het licht autistisch zijn nu gebruikt om een winstgevende industrie in harddrugs in het leven te roepen en ook te onderhouden?
En wordt het licht autistisch zijn nu aangewend als een breed spectrum waarbij het gebrek aan kennis van pedagische vaklui als een evidence based tovenarij met legale harddrugs wordt vermomd?
Feit is alvast dat Overheid , geneeskunde en media hier weer volledig vrijuitgaan, omdat geen van hen zich van wat dan ook bewust is.
Allleen jammer dat zij allemaal … zo corrupt zijn omwille van dat gigantische geldgewin en zo dom zijn juist omwille van die perverse corruptie.
Misschien beter dat niemand dat weet, want dan zouden helemaal geen (dure) harddrugs nodig zijn om toekomstige patienten veel te vroeg en zonder dure therapieen van de gebouwen te laten springen.
Men zou ze eraf moeten duwen.
niels:http://www.nrc.nl/binnenland/article1099320.ece/Patient_krijgt_meer_recht_op_informatie
Het is niet alleen maar slecht, men heeft bedacht dat patiënten rechten nodig hebben. Maar vrees niet, het duurt nog 2 jaar voordat ze die ook krijgen. Dan is het natuurlijk nog even afwachten of ze daad werkelijk ook werken.
Ik zal het simpeler houden. Als patiënten geen rechten hebben zijn ze waardeloos. En hiermee is het werk van de hulpverleners dit per definitie ook.